Over ons
De Steurhoeve is één van de slechts twee kaviaarproducenten in Nederland
Een zeer uniek en exclusief product van eigen bodem.
Naast onder andere noga, honing en wijn is ook kaviaar en heus Achterhoeks streekproduct. Eind 2017, vier jaar na oprichting van kwekerij De Steurhoeve in het Gelderse Laren, produceren Martin en Sandra Hoentjen kaviaar. Met fonkelende ogen omschrijft Martin hun zwarte goud als ‘uniek’ en ‘smaakvoller dan andere kaviaar’. Wij spreken het bevlogen ondernemersechtpaar en mogen de luxe lekkernij proeven.
De Holterweg vindt zijn oorsprong middenin het dorp Laren. Hoewel het eerste deel zich kenmerkt door wat winkels en woonhuizen, verandert de omgeving al snel in een prachtig mooi coulisselandschap met her en der boerenbedrijven met uitgestrekte weilanden en akkers. Hoewel je het zo op het eerste gezicht niet verwacht, bevindt zich op huisnummer 61 steurkwekerij De Steurhoeve. We rijden het erf op waar Martin en Sandra en Jeffrey Hoentjen ons warm welkom heten. In de gezellige boerderijkeuken vertellen zij enthousiast over het ontstaan van hun steurkwekerij. Hier is het familiebedrijf ooit begonnen met een gemend veebedrijf. Sandra en haar man Martin zijn 1999 overgestapt op het kweken van paling en hebben in 2013 de focus verlegd naar de steur.
Van paling naar steur 2013
Een nieuwe uitdaging vonden Martin en Sandra in het kweken van steur. De eerste plannen hiervoor ontstonden al in 2005. “We zijn toen benaderd door iemand die bedrijven zocht om steuren op te kweken. Het idee was dat hij de vissen weer terug zou nemen op het moment dat ze eitjes hadden”, vertelt Martin. “We zijn er geweest om te kijken of het bij ons past en dachten vrijwel meteen; wat hij kan, kunnen wij ook”, vervolgt Sandra lachend. Een periode van meer onderzoek en ontwikkeling brak aan. “Het kweken van steur bleek niet veel anders dan het kweken van paling, maar we zouden ook aan de slag gaan met kaviaar. Dat was helemaal nieuw voor ons.” Het echtpaar besloot de overstap naar steur te maken en toverde de voormalige koeienstal om tot steurkwekerij. Martin ontwierp en bouwde de nieuwe viskweeksystemen zelf, iets waar hij al meer dan twintig jaar erg gedreven in is.
De nieuwe kwekerij 2022
We komen de eerste ruimte binnen waar we direct meerdere grote bassins zien staan. Dit voelt een beetje aan als een kraamkamer, want in de meest bassins zwemmen de nu nog kleine steuren. Al flink onder de indruk is dit nog maar het begin. Want in de volgende ruimte staan maar liefst 31 nog grotere bassins, met volwassen steuren.
Kaviaar
Kaviaar wordt ook wel het zwarte goud genoemd, en zijn de onbevruchte eitjes van een steur. Er zijn vele soorten viseitjes maar alleen de eitjes van een steur mag kaviaar heten! Kaviaar wordt gezien als een delicatesse en is geen goedkoop product. Dit heeft ermee te met maken dat dat het een lang en kostbaar proces is. Het duurt namelijk jaren voordat een steur eitjes gaat produceren, het is afhankelijk van de soort steur na hoeveel jaar precies.
Sandra runt de kwekerij dus samen met haar man Martin en zoon Jeffrey. Martin is de drijvende kracht achter alle systemen en technische onderdelen van het bedrijf. Zo heeft hij een systeem ontworpen waar zeker 90% van het water wordt hergebruikt. De volledige inrichting is door Martin bedacht en ontworpen, om op meerdere vlakken zich te kunnen richten op duurzaamheid. Zo worden ook alle delen van de vis gebruikt na het verwerken van de kaviaar.
Puur en verantwoord
Terugkijkend op de afgelopen jaren, geven Martin en Sandra aan gelukkig te zijn met de keuze die ze hebben gemaakt. “We zijn erg blij dat we deze weg in zijn geslagen”, vertelt Sandra met een glimlach. Martin vervolgt: “Het pionieren was niet altijd gemakkelijk, maar we maken een heel mooi, puur en verantwoord product waar we ontzettend trots op zijn. Leuk om te vermelden is dat de Nederlands gekweekte steur tegenwoordig op groen staat op de Viswijzer. Over een aantal jaar is ons bedrijf niet groter, maar wel landelijk bekend. Ook hopen we dan hier op locatie een winkeltje te hebben waar we onze producten kunnen presenteren.”